• DADEN VAN OMRAH

    1. De grote wassing alvorens al-Ihraam[1] (gewijde toestand). Dit geldt zowel voor de mannen als voor de vrouwen. Zelfs een menstruerende vrouw dient deze wassing te verrichten.

    2. Het parfumeren van het lichaam alvorens al-Ihraam. Dit geldt enkel en alleen voor de mannen. De kleren van Ihraam mogen echter niet geparfumeerd worden.

    3. Het aantrekken van de ihraam-kleren, deze bestaan namelijk uit een boven en een onderstuk (Ridaa’ en Izaar) voor de mannen. De vrouwen kunnen hun gewone kleren aanhouden, die natuurlijk moeten voldoen aan de islamitische kledingvoorschriften. Daarnaast mogen zij geen Niqaab (gezichtssluier) of handschoenen dragen[2]

    4. Aanvangen met al-Ihraam vanuit al-Miqaat[3]. Vervolgens neemt men de intentie om al- omrah te verrichten, door het volgende te zeggen: “Labaika Allahoemma omrah[4].”

    5. Als men bang is belemmerd te worden in zijn omrah door iets zoals een ziekte, dan voegt hij hieraan een voorwaarde toe die hij aan Allah stelt door het volgende te zeggen: “Allahoemma mahalli haithu habastani[5].”

    6. Vanaf het moment dat men de intentie heeft uitgesproken, kan hij aanvangen met Talbiah[6]

    7. Het is soennah (aanbevolen) om de grote wassing te verrichten bij het binnenkomen van Mekkah.

    8. Zodra men het bouwwerk van al-kabah ziet, dient men te stoppen met Talbiah.

    9. Wanneer men al-kacbah ziet dan kan hij het volgende zeggen: “Allahoemma Ant-as-Salaam, wa mink-as-Salaam, fa hayyinaa rabbanaa bissalaam[7].”

    10. Eenmaal bij Mekkah aangekomen, dien je zeven keer at-Tawaaf (rondgang om kabah) te verrichten, beginnend en eindigend bij al-Hadjar al-Aswad[8] (de zwarte steen). Bij aanvang van iedere Shawt (rondgang) zegt men:”Bismillah, Allahoe Akbar”, vervolgens heeft men de vrije keus om welke doeaa’ (smeekbede) dan ook te zeggen tijdens at-Tawaaf. Wel is het gewenst om iedere Shawt af te sluiten met de volgende woorden:”Rabana Aatinaa fid-doeniyah hasanah wa fil-aagirati hasanah wa qinah adhaaba an-naar[9].”

    11. In elke rondgang dient men ar-Roekn al-Jamaani (Jamaani-hoek) met de hand aan te raken indien dit mogelijk is, zonder deze te kussen. Kun je ar-Roekn al-Jamani niet aanraken, dan dien je er niet naar te wijzen met de hand zoals bij de zwarte steen, maar loop je gewoon voorbij.”

    12. Tijdens de eerste drie rondgangen dienen alle mannen een handeling uit te voeren genaamd ar-Raml[10]. Daarnaast moeten de mannen gedurende alle zeven rondgangen met Al-Idhtibaa[11] komen.

    13. Vervolgens vertrekt men naar Maqaam Ibraahiem[12] en reciteert:
    ”Wa ittagidoe min Maqaami Ibraahiema Mosalah [13].”

    14. Men verricht vervolgens twee rak’aat achter Maqaam Ibrahiem indien dit mogelijk is, anders op een afstand van Maqaam Ibraahiem. Blijkt dit laatste ook niet mogelijk te zijn dan worden deze
    twee rak’aat waar dan ook binnen de moskee verricht[14].

    15. Ga vervolgens naar Zamzam en drink veel water[15]. Ook kun je een deel van het water over jouw hoofd gieten.

    16. Ga terug naar de zwarte steen om deze te kussen. Het is beter om je nu slechts te beperken tot het wijzen naar de zwarte steen vanwege de drukte.

    17. Begeef je vervolgens richting as-Safa en als je deze nadert zeg dan het volgende: Inna as-safa wal-Marwah min shaaa’يril-lah, Famen Hadjja al-Baita au itimara fa-la djonaha alaihi an yatawafa bihima en men tatawaa gairen fa inna-laha shakiron aliem”[16]vervolgens zeg je het volgende: “Abda’oe minma bada’a bihi-Lah”.[17]

    18. Ga vervolgens op (de heuvel van) as-Safa staan, richt je tot al-Kabah en zeg, terwijl je je handen omhoog houdt: “al-Hamdoe lilah”[18] één keer en “Allahoe Akbar” drie keer. Daarna zeg je drie keer het volgende: “Laa ilaha illa-Lah wahdahoe laa sharika lah, Lahoe al-Moelk wa lahoe al-Hamd wa hoea ala koelli shaiيn qadir. Laa ilaha illa-Lah wahdahoe andjaza wadah wa nasara abdah wa hazama al-ahzaaba wahdah”[19]. Tussen het zeggen hiervan doet men ad-Doaa” (smeekbeden) naar eigen keuze . Dus na de eerste keer doe je een smeekbede en na de tweede keer doe je weer een smeekbede.

    19. Ga naar beneden en beweeg je vervolgens zeven keer tussen as-Safa en al-Marwah, dit wordt ook wel as-Saje genoemd. Als je aankomt bij de groene vlag, dan is het de bedoeling dat je wat sneller gaat lopen tot aan de volgende groene vlag. Tijdens as-Saje kan men de volgende ad-Doaa’(smeekbede doen: “Rabbi-ghfir warham, innaka antal-aazull’akram”[20]. En iedere keer als je aankomt bij as-Safa of al-Marwah, dan dien je deze te bestijgen en met dezelfde handelingen en smeekbeden te komen als toen hij as-Safa besteeg.

    20. Zowel tijdens at-Tawaaf als tijdens as-Saje is er geen specifieke smeekbedes. Dus men kan elk willekeurige smeekbede verrichten. Ook is er de mogelijkheid om de koran te reciteren.

    21. Als je klaar bent met as-Saje, dan dien je jou haar kort te knippen of helemaal weg te scheren[21]. Na dit te hebben gedaan, ben je klaar met je omrah en is alles wat verboden voor je was tijdens al-ihraam weer toegestaan.

    Daden van al-Hadj

    1. Al-Hadj begint op de achtste dag van Dhoel-Hidjah, ook wel de dag van Tarwia genoemd.

    2. Men wast zich; parfumeert het lichaam; draagt de ihraam-kleren en treedt in de toestand van ihraam (zie blz. 10).

    3. Wederom dient men de intentie uit te spreken door het volgende te zeggen:”Labaika Allahoemma Hadjen.”[22].

    4. Als men bang is belemmerd te worden door iets zoals ziekte, dan voegt men hieraan een voorwaarde toe die hij aan Allah stelt door het volgende te zeggen:”Allahoemma mahlli haithu habastani.”[23]

    5. Daarna kan men aanvangen met Talbiah die als volgt luidt:”Labaika Allahoemma Labaik, Labaika laa Sharieka laka labaik. Inna-Ihamda wa-nicmata laka wa-lmulk, laa sharika lak.”[24] Men stopt pas met het uitspreken van talbiah nadat het laatste steentje geworpen is.

    6. Vervolgens vertrek men naar Mina[25] om daar te verblijven totdat de volgende gebeden zijn verricht; al-Dohr, al-Asr, al-Maghreb, al-Ishaa’ en al-Fadjr. Op deze dag dient men de gebeden die uit vier eenheden bestaan in te korten[26]. Hij mag echter niet samenvoegen.

    7. Als de zon opkomt op de negende dag van Dhoel al-Hidjah, dan dient men rustig te vertrekken naar Arafah[27] en let er goed op dat je niemand kwaad aandoet of tot last bent. Eenmaal in arafah aangekomen, dien je ad-Dhor en al-Asr in te korten en samen te voegen[28].

    8. Als jij je in Arafah bevindt, vermeerder dan het verrichten van smeekbedes en Dhikr (lofuitingen), dit terwijl jij je handen omhoog houdt.[29]

    9. Men dient in arafah tot zonsondergang te verblijven. Daarna dient men rustig naar Mozdalifah[30] te vertrekken en let er op dat je niemand kwaad aandoet of tot last bent. Eenmaal daar aangekomen dien je al-Maghreb en al-Ishaa”samen te voegen. Daarna is het gewenst om direct te gaan slapen. Als men de volgende ochtend het Fadjr-gebed heeft verricht is het aanbevolen om je te storten op het verrichten van smeekbedes en lofuitingen, dit totdat het ochtendlicht goed zichtbaar wordt.

    10. Daarna begeeft men zich richting Mina zeggende:”Labaika Alahoemma Labaik, Labaika laa Sharika laka labaik. Inna-Ihamda wa-nimata laka wa-Imolk, laa sharika lak.” Het is toegestaan voor vrouwen en lichamelijke zwakke mensen om zich de nacht daarvoor al richting Mina te begeven.

    11. Eenmaal in Mina aangekomen, dienen de volgende handelingen verricht te worden:

    · Het achter elkaar gooien van zeven steentjes naar al-Aqabah[31], ook wel de grote Djamarah genoemd. Deze steentjes zal je van tevoren van de grond moeten rapen en bij het gooien van ieder steentje dien je “Allahoe Akbar” te zeggen.[32]

    · Een offer aan Allah opdragen.

    · Helemaal weg scheren of kortknippen van je haren, hoewel weg scheren beter is. Voor de vrouw geldt dat zij van haar haren een stuk afknipt ter grootte van een vingertop.

    · De volgorde waarin deze handelingen plaatsvinden; mag door elkaar.

    12. Met het gooien van de steentjes en het scheren of kortknippen van het haar treedt men in de eerste Tahaloel; een fase waarin men weer zijn gewone kleren kan aantrekken en alles mag doen wat eerder verboden voor hem was tijdens al-Ihraam[33] met uitzondering van het hebben van gemeenschap.

    13. Daarna gaat men richting Mekkah om at-Tawaaf[34] te verrichten, oftewel zeven keer de rondgang rondom al-Kabah. Ook verricht hij as-Saje[35]. Deze Tawaaf mag men ook uitstellen nadat hij helemaal klaar is met de resterende handelingen van al-Hadj.

    14. Na het verrichten van at-Tawaaf, keert men op deze dag van al-ied terug naar Mina om daar die nacht en de daarop twee volgende nachten te blijven slapen. Het is tevens toegestaan om maar twee nachten in Mina door te brengen.[36]

    15. Tijdens de dagen die jij in Mina doorbrengt, dien je iedere dag nadat de zon afwijkt van haar hoogste stand in de hemel (az-Zawaal), zeven steentjes naar de al-Djamaraat (de kleine, de middelste en de grote) te gooien. Dus men dient iedere dag éénentwintig steentjes te gooien. En vergeet niet bij het gooien van ieder steentje “Allahoe Akbar” te zeggen. Bij de kleine Djamarah dien je na het gooien van de steentjes naar rechts af te wijken om even de tijd te nemen om smeekbedes te verrichten. Bij de middelste Djamarah wijk je af naar links om weer smeekbedes te verrichten.

    16. Op het moment dat je wilt afreizen naar je land wordt je verplicht geacht om nog één keer at-Tawaaf te verrichten, dit wordt ook wel de afscheids Tawaaf genoemd. Deze plicht komt alleen te vervallen voor een menstruerende vrouw of een vrouw die zich in haar kraamperiode bevindt.

    Ihraam

    Niet toegestane zaken tijdens al-Ihraam

    1. Het is niet toegestaan voor iemand dien in de ihraam-toestand is getreden, om iets van het haar of de nagels te knippen. Ook is het verboden om een geurtje op te doen.

    2. Het is niet toegestaan voor de man om al-Mageet[37] te dragen.

    3. Het is niet toegestaan voor de man om iets op zijn hoofd te dragen, zoals een hoed of tulband.

    4. Het is verboden voor iemand in ihraam-toestand om de hand van een vrouw te vragen, in het huwelijk te treden of gemeenschap te hebben.

    5. Het is voor de vrouw slechts verboden om haar gezicht met al-Mageet te bedekken of handschoenen te dragen. Verder is het haar toegestaan om alle soorten mageet te dragen zoals broeken, gewaden en sokken.

    6. Het is verboden voor zowel de man als de vrouw om op dieren te jagen of een ander daarbij te helpen.

    Toegestane zaken tijdens al-Ihraam

    1. Het dragen van sokken onder de enkels.

    2. De onderkleding met een touw of iets soortgelijks vastmaken.

    3. De haren wassen.

    4. De vrouw hoeft niet perse zwarte kleding te dragen, zij mag qua kleding ook andere kleuren dragen.

    5. Het wassen van de ihraam-kleren ingeval deze vies zijn geworden. Ook mag men nieuwe ihraam-kleren dragen en de oude kleren wegdoen.

    [1] Een staat waarin het verboden is om bepaalde zaken te verrichtten die op andere tijdstippen wel zijn toegestaan. Tijdens deze fase worden de verplichtingen van Hadj en omrah verricht.[2] Het aantrekken van de ihraam-kleren betekent niet, dat men zich dan ook gelijk in ihraam-toestand bevindt. Al-Ihraam begint met het uitspreken van de intentie.
    [3] Eén van de verscheidene plaatsen die de profeet (vrede zij met hem) voor de mensen heeft aangewezen als vertrekpunt van Ihraam, als zij de intentie hebben om Hadj of omrah te verrichten.[4] Vertaling:”Hier ben ik O Allah, voor het verrichten van al-Omrah.”Alleen bij al-Hadj en omrah wordt de intentie uitgesproken. Bij de resterende daden van aanbidding zoals het gebed, de kleine wassing, het vasten enzovoorts, mag de intentie absoluut niet worden uitgesproken.
    [5] Vertaling:”O Allah, mijn plek van Tahaloel (Plaats waar de gewijde toestand tot een einde komt) is daar waar u mij verhindert.”
    [6] Talbiah luidt als volgt: Labaika Alahoemma Labaik, Labaika laa Sharieka Laka Labaik. Inna-Ihamda wanimata laka wa-lmulk, laa sharika laka.”Deze worden dienen door de man luidop gezegd te worden. Dit geldt ook voor de vrouw als zij zich in een gezelschap van vrouwen bevindt, maar zodra zij in de buurt van mannen komt dan dient zij haar stem te dempen.

    Vertaling van Talibiah:”Hier ben ik O Allah, hier ben ik. Hier ben ik, U hebt geen deelgenoot, hier ben ik. Voorwaar, alle lof en gunsten zijn aan U en de soevereiniteit (is aan u). U hebt geen deelgenoot.”

    [7] Vertaling:”O Allah U bent Degene Die vrij is van alle tekortkomingen.“ Veiligheid komt alleen van U. Begroet ons daarom- O onze Heer- met vrede.”Deze doeaa’is namelijk overgeleverd door Ibnoe Omar.
    [8] Bij de aanvang van at-Tawaaf dient men de zwarte steen te kussen. Indien dit niet mogelijk is, dan kan hij zich beperken tot het aanraken ervan met zijn hand en deze vervolgens te kussen. Blijkt dit laatste ook niet mogelijk te zijn dan hoeft hij slechts naar de zwarte steen van een afstand te wijzen.[9] De precieze plaats waar deze woorden worden uitgesproken is vanaf ar-Roekn al-Jamani tot aan de zwarte steen. En de vertaling van deze woorden is als volgt:”O Allah, geef ons in het wereldse leven het goede, en in het hiernamaals het goede en behoed ons voor de bestraffing van het vuur.
    [10] Een snelle pas dat gepaard gaat met het bewegen van de armen en de benen, waardoor de man zijn fysieke kracht toont.
    [11] Al-Idhtibaa: is het dragen van de Ridaa’ (ihraam-kleren) onder de oksel. Het uiteinde van de Ridaa’ gooit men over de linker schouder. De rechterschouder blijft dus onbedekt, terwijl de linkerschouder wel bedekt is. Wel dient men na At-Tawaaf Ridaa’ weer gewoon te dragen en beide schouders te bedekken.[12] De steen waarop Ibraahiem stond toen hij samen met Isma’iel de kacbah aan het bouwen was.[13] Vertaling:”En neemt Maqaam Ibraahiem tot een gebedsplaats.” (Soerat al-baqarah(2): 125)[14] Tijdens de eerste rak’ah van het gebed die men achter Maqaam Ibraahiem verricht, reciteert hij na soerat al-Fatihah soerat al-Kafiroen en tijdens de tweede rak’ah reciteert men soerat al-Ichlaas.[15] De profeet (vzmh) heeft gezegd:”Het Zamzam-water is waar het voor gedronken is.”Ook heeft hij gezegd:”Het (Zamzam) is gezegend, en het is voeding en het is genezing van ziekte.”
    [16] Vertaling:”Voorwaar, as-Safah en al-Marwah behoren tot de symbolen van Allah. Wie dus de Hadj naar het huis of de omrah verricht; het is geen zonde voor hem om het lopen tussen beide (as-Safah en al-marwah) te verrichten. En eenieder die vrijwillig goed doet: Voorwaar, Allah is dan Waarderend en Alwetend” (Soerat al-Baqarah (2): 158)[17] Vertaling:”Ik begin met datgene waarmee Allah is begonnen.”[18] Vertaling:”Alle lof zij Allah.”
    [19] Vertaling:”Er is geen ware god, behalve Allah alleen. Hij heeft geen deelgenoot. Aan hem behoort de Heerschappij en alle lof. Hij brengt tot leven en hij doet sterven en Hij is almachtig over alle zaken. Er is geen ware god, behalve Allah alleen. Hij heeft zijn belofte waargemaakt; Hij heeft zijn dienaar de overwinning geschonken en Hij heeft alleen de bondgenoten verslagen.”[20] Vertaling:”O mijn Heer, vergeef en wees genadig. U bent de Almachtige, de Meest Edele”.[21] Voor de vrouw geldt dat zij een stuk van haar haar afknipt ter grootte van een vingertop.[22] Vertaling:”Hier ben ik O Allah, voor het verrichten van al-Hadj.[23] Vertaling:“ O Allah, mijn plek (van Tahaloel) is daar waar u mij verhindert.”
    [24] Vertaling: “Hier ben ik O Allah, hier ben ik. Hier ben ik, U hebt geen deelgenoot, hier ben ik. Voorwaar, alle lof en gunsten zijn aan U en de soevereiniteit (is aan u). U hebt geen deelgenoot.”[25]le=”FONT-FAMILY: Tahoma”> Een pelgrimsplek buiten Mekkah op de weg naar Arafah. Deze plaats ligt ongeveer acht kilometer buiten Mekkah en zestien kilometer van Arafah.
    [26] De gebeden die uit vier eenheden bestaan zijn: ad-Dhor, al-Asr en al-Ishaa’. Deze gebeden dienen ingekort te worden tot twee eenheden in plaats van vier eenheden.[27] Een pelgrimsplaats ten zuidoosten van Mekkah en is ongeveer vijfentwintig kilometer van Mekka verwijderd.[28]Samenvoegen van gebeden betekent dat je ze achter elkaar verricht en dit is toegestaan, omdat de profeet dit ook heeft gedaan. Wel moet men weten dat alleen al-Dhor en al-Asr samengevoegd kunnen worden of al-Maghreb en al-Ishaa’.[29]De profeet heeft gezegd:”Het beste wat ik en de profeten voor mij hebben gezegd op de avond van arafah is:”Laa ilaha illa Lah wahdahoe laa sharieka lah, lahoe al-Mulk wa lahoe al-Hamd. wa hoewa ala koelli shai’yin qadier.” Vertaling:”Er is geen ware god behalve Allah alleen. Hij heeft geen deelgenoot. Aan hem behoort de Heerschappij en alle Lof en Hij is Almachtig over alle zaken.”[30] Een plaatst tussen Arafah en Mina.[31] Eén van de drie uit stenen gebouwde pilaren gelegen in Mina. Deze Djamarah staat bij de ingang van Mina vanuit de richting van Mekkah.[32] De steentjes moeten ietsje groter zijn dan een kikkererwt.[33] Een staat waarin het verboden is om bepaalde zaken te verrichten die op andere tijdstippen wel zijn toegestaan. Tijdens deze fase worden de verplichtingen van Hadj en Omrah verricht.[34]Deze Tawaaf wordt Tawaaf al-Ifaadhah genoemd. Tijdens deze Tawaaf hoeft de man geen Idhtibaa en ar-Raml te verrichten.[35] Het zeven keer heen en weer lopen tussen de twee bergen. As-Saffah en al-Marwah.[36] Overnachting in Mina is een verplicht onderdeel van al-Hadj.[37]Al-Mageet: kledingstukken die gemaakt zijn in de vorm van het lichaam. Men mag tijdens al-Ihraam alleen ongenaaide kleding dragen.

    SCROLL_TEXT
  • REGELS INZAKE MENSTRUATIE EN KRAAMBLOEDING

    Al-Hayd is zoals bekend menstruatiebloed. De sharieah kent hiervoor geen maximum of minimum tijdsduur maar gaat uit van het aantal dagen dat een vrouw gewoonlijk ongesteld is.

    An-Nifaas staat voor kraambloeding. De maximum tijdsduur hiervoor is veertig dagen. Oem Salamah overlevert: “Een vrouw die pas bevallen was, onthield zich (van het vasten en het bidden), in de tijd van de Profeet, veertig dagen.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    Als de kraambloeding voor het verstrijken van de veertig dagen ophoudt, dan dient de vrouw zich te wassen en is zij weer schoon. Als de kraambloeding langer dan veertig dagen duurt, dan dient zij zich, na de veertig dagen, gewoon te wassen en kan zij zichzelf daarna als schoon beschouwen.

    Verboden handelingen tijdens de menstruatie en kraambloeding

    Wat verboden is voor een persoon die zijn woedoe’ heeft verbroken, is ook verboden voor een vrouw in haar menstruatie- of kraamperiode. Daarnaast zijn voor deze vrouw de volgende zaken verboden.

    1. Vasten

    De vrouw dient de periode die zij niet heeft gevast tijdens de maand Ramadan wel in te halen! Moeaadhah verhaalt: “Ik vroeg Aa’ieshah het volgende: ,,Hoe zit het met een menstruerende vrouw (na haar periode) die het vasten inhaalt en het gebed niet?” Aa’ieshah antwoordde: ,,Wij kregen daarmee te maken in de tijd van de Profeet waarop ons werd opgedragen het vasten in te halen en het gebed niet.” (al-Boechari en Moeslim)

    2. Het penitreren van het vrouwelijke geslachtsdeel

    Dit op basis van de woorden van Allah (interpretatie van de betekenis):

    “En zij vragen jou over de menstruatie. Zeg het is een onreinheid. Dus vermijdt jullie vrouwen gedurende de menstruatie en heb geen gemeenschap met hen totdat hun menstruatie ophoudt. En als zij zich reinigen heb dan gemeenschap met hen van waar Allah jullie heeft bevolen.” (Soerat al-Baqarah)

    En op basis van de uitspraak van de Profeet: “Doe alles (met hen) behalve het hebben van gemeenschap.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    Het hebben van geslachtsgemeenschap met een ongestelde vrouw

    Imam Nawawi zei in de uitleg van Moeslim: “Als een moslim gelooft dat het hebben van gemeenschap met een ongestelde vrouw toegestaan is, dan treedt hij hierdoor buiten de Islam. Indien hij dit achteloos doet, niet wetend dat de vrouw ongesteld is, of dat hij niet op de hoogte is van het verbod hiervan, of als hij hiertoe gedwongen wordt, dan wordt dit hem niet kwalijk genomen en hoeft hij geen Kafaarah (boetedoening) te verrichten. Heeft hij bewust gemeenschap met een ongestelde vrouw en weet hij dat dit verboden is, dan heeft hij een grote zonde gepleegd. Shaafici zei dat dit een grote zonde is en hij moet hiervoor berouw tonen en over het verrichten van kafaarah bestaan twee meningen.” Ik zeg: “De voornaamste mening is dat kafaarah verplicht is. Dit op basis van de overlevering van Ibn Abbaas dat de Profeet met betrekking tot de man die gemeenschap heeft met zijn vrouw tijdens haar menstruatie zei: “Hij moet één dinar of een halve dinar als Sadaqah (liefdadigheid) uitgeven.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    De keuze die in de overlevering wordt genoemd (tussen het betalen van één of een halve dinar) heeft te maken met het hebben van gemeenschap in het begin of aan het einde van de menstruatieperiode. Dit op basis van de uitspraak van Ibn Abbaas: “Als hij gemeenschap met haar heeft in het begin van haar menstruatieperiode, dan geeft hij één dinar uit en (als hij gemeenschap met haar heeft) aan het einde van haar menstruatieperiode, dan geeft hij een halve dinar uit.” (Sahih Soenan Abi Daawoed)

    Al-Istihaadhah

    Al-istihaadhah is bloed dat vrijkomt buiten of direct volgend op de menstruatie- of kraamperiode. Als het gaat om bloed dat vrijkomt buiten de menstruatie- of kraamperiode, dan bestaat er geen twijfel over dat het gaat om al-istihaadhah. Als het echter gaat om bloed dat vrijkomt direct volgend op de menstruatie- of kraamperiode, dan wordt al het bloed dat vrijkomt na haar gewoonlijke tijdsduur (van menstruatie- of kraamperiode) beschouwd als al-istihaadhah. Dit op basis van wat de Profeet (vrede zij met hem) zei tegen Oem Habibah: “Onthoudt je (van alles wat verboden is voor een menstruerende vrouw) voor een periode die gelijk is aan je gewoonlijke menstruatietijdsduur, was je vervolgens en verricht dan het gebed.” (Moeslim)

    Als er onderscheid is tussen de verschillende soorten bloed dan is menstruatiebloed te herkennen aan de bekende donkere kleur en al het andere soort bloed wordt beschouwd als al-istihaadhah. Dit op basis van wat de Profeet (vrede zij met hem) zei tegen Faatimah bint Abi Hoebaish: “Is het menstruatiebloed, dan heeft het de bekende donkere kleur. Onthoudt je dan van het gebed en als het de andere (soort bloed) is, verricht dan de woedoe, want het is niet meer dan een normale bloeding.” (Al-Ierwaa’ van Sheich al-Albaani)

    Als de vrouw geen gewoonlijke tijdsduur kent en zij geen onderscheid kan maken tussen de soorten bloed, dan dient zij uit te gaan van de tijdsduur van de vrouwen uit haar familie. Dit op basis van wat de Profeet (vrede zij met hem) zei tegen Hamnah bint Jahsh: “Voorwaar dit is één van de trappen van de shaitan. Ga uit van zes of zeven dagen menstrueren. Was je vervolgens totdat je ziet dat je volledig gereinigd bent, bidt en vast daarna drieentwintig of vierentwintig dagen dat volstaat jou. Doe dit iedere maand aangezien het menstrueren en het weer rein worden van vrouwen verbonden is aan een cyclus.” (Al-Ierwaa’ van Sheich al-Albaani)

    De vrouw die te maken heeft met al-istihaadhah

    Wat voor een menstruerende vrouw verboden is, is toegestaan voor een Moestahaadah. Zij dient alleen de woedoe te verrichten voor iedere gebed. Dit op basis van wat de Profeet (vrede zij met hem) zei tegen Faatimah bint Abi Hoebaish: “Verricht vervolgens de woedoe voor iedere gebed.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    Het is ook aanbevolen om de ghoesl te verrichten voor iedere gebed zoals reeds opgemerkt is bij de aanbevolen ghoesl.

    SCROLL_TEXT
  • AN-NADJAASAAT / ONREINHEDEN

    An-nadjaasaat (onreinheden) zijn alle zaken die door de Koran en de Soennah van de Profeet (vrede zij met hem) tot onreinheden zijn uitgeroepen. Oorspronkelijk zijn alle zaken rein en toegestaan. Wie anders beweert, moet hiervoor met bewijs komen. Als hij dit bewijs niet kan leveren, of met onvoldoende bewijs komt, dan moeten we gewoonweg terugkeren naar de oorsprong en dit laten. Dus nogmaals, het is niet toegestaan om iets tot onrein te verklaren, alleen met bewijs.

    1. (Mensen)urine

    Het is overgeleverd door Anas dat een bedoeïen in de moskee urineerde, waarna een groep mensen opstond (om hen te tegen te houden). De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Laat hem en onderbreek hem niet!” Hij vroeg, nadat de bedoeïen klaar was met urineren, om een emmer water en goot het erover. (al-Boechari en Moeslim)

    2. (Mensen)ontlasting

    Aboe Hoerayrah overlevert dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Als één van jullie met zijn sandalen door al-Adhaa loopt, dan wordt dit gereinigd door de aarde.” (Sahih Soenan Abi Daawoed)

    al-Adhaa is alles wat de mens schaadt, het zij onreinheden of viezigheden of iets anders. In deze overlevering wordt er duidelijk onreinheden mee bedoeld.

    3. al-Madhiey

    Al-Madhiey is een witte dunne plakkerige substantie die vrijkomt bij lustgevoelens (voorvocht). Het vrijkomen ervan kan onopgemerkt gebeuren. Dit geldt voor zowel de man als de vrouw. Al-Madiey is onrein en daarom beval de Profeet (vrede zij met hem) om het geslachtsdeel te wassen bij het vrijkomen van deze substantie.

    Ali verhaalt: “Ik was een man die erg last had van het vrijkomen van al-Madiey. En ik schaamde mij om de Profeet (vrede zij met hem) hierover te vragen vanwege (mijn huwelijk met) zijn dochter. Ik droeg Miqdaad bin al-Aswad op om de Profeet (vrede zij met hem) hierover te vragen. De Profeet (vrede zij met hem) zei: “Hij dient zijn geslachtsdeel te wassen en vervolgens al-Woedoe te verrichten.” (al-Boechari en Moeslim)

    4. al-Wadhiey

    Al-Wadhiey is een witte dikke substantie die na het urineren vrijkomt. Al-Wadiey is onrein.
    Ibn Abbaas verhaalt: “Al-Maniey, al-Wadhiey en al-Madhiey, wat betreft al-Maniey (zaad), dit vereist al-Ghoesl. En wat betreft al-Wadhiey en al-Madhiey. Was je geslachtsdeel of je Madhaakier (testikels) en verricht el-Woedoe zoals je die verricht voor het gebed!” (Sahih Soenan Abi Daawoed)

    5. Uitwerpselen van dieren wiens vlees niet is toegestaan

    Abdullah vertelde: “Toen de Profeet (vrede zij met hem) zijn behoefte wilde doen, vroeg hij (aan Abdullah): “Breng mij drie stenen!” Ik vond hem twee stenen en een (opgedroogde) uitwerpsel van een ezel. Hij nam de twee stenen aan en gooide het uitwerpsel weg en zei: “Het is onrein!” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    6. Menstruatie

    Asmaa’ bint Abu Bakr overlevert: “Er kwam een vrouw naar de Profeet (vrede zij met hem), en zei: “Eén van ons vrouwen, haar kleding raakt vervuild door menstruatiebloed. Wat moet zij doen? Hij zei: “Krab het weg, wring het vervolgens uit met water en besprenkel het (met water), daarna kan ze ermee bidden.” (al-Boechari en Moeslim)

    7. Hondenspeeksel

    Aboe Hoerayrah verhaalt: “De Profeet (vrede zij met hem) zei: ,,Het reinigen van iemands servies als een hond ervan heeft gelikt, geschiedt door het (servies) zeven maal te wassen waarvan de eerste met aarde.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    8. Dode dieren

    Onder dode dieren wordt verstaan alle dieren die niet volgens de rituele slachting om het leven zijn gekomen.Dit op basis van de uitspraak van de Profeet (vrede zij met hem): “Wanneer al-Ilhaab wordt gelooid, dan is die hiermee gereinigd.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    al-Ilhaab is de huid van dode dieren. Alle dode dieren zijn onrein met uitzondering van:

    a) Dode vissen en sprinkhanen.

    Dit op basis van de overlevering van Ibn Omar waarin hij zei: “De Boodschapper (vrede zij met hem) zei: ,,Twee dode (dieren) en twee bloeden (bloedorganen) zijn voor ons toegestaan; wat de twee doden betreft, dit zijn de vissen en de sprinkhanen. En wat de twee bloeden betreft, dit zijn de lever en de milt.” (Sahih Soenan Ibn Maadjah)

    b) Dode dieren die geen bloedsomloop kennen

    Voorbeelden hiervan zijn: vliegen, mieren, bijen en soortgelijke dieren. Aboe Hoerayrah verhaalt dat de Boodschapper (vrede zij met hem) zei: “Als de vlieg in iemands drinken valt, dompel hem dan helemaal onder en gooi hem vervolgens weg. Want in één van zijn vleugels zitten ziekte(kiemen) en in de andere het geneesmiddel.”[1] (al-Boechari)

    c) Botten, horens, nagels, haren en veren van dode dieren

    Al de bovengenoemde zaken zijn rein. Dit op basis van de oorspronkelijke reinheid van alle zaken. Daarnaast overleverde Al-al-Boechari, dat Az-Zoehrie over de botten van dode dieren (zoals het ivoor van olifanten) zei: “Ik heb mensen meegemaakt die tot de vroegere geleerden behoorden die hun haar hiermee kamden en hun Doehn (smeersel) in plaatsten. Zij hadden hier geen bezwaar tegen.”

    Hamaad vertelde: “Er is geen bezwaar tegen (het gebruiken van) veren van dode dieren.”

    [1] Het is een medische feit dat een vlieg ziektekiemen met zich meedraagt zoals de Profeet (vrede zij met hem) meer dan 1400 jaar geleden bekend maakte. Terwijl men destijds weinig kennis had over moderne geneeskunde. Recentelijk zijn er experimenten uitgevoerd die duiden op de aanwezigheid van ziektekiemen en de antilichamen hiervoor in het lichaam van de vlieg. Het blijkt dat als een vlieg een vloeistof raakt, de ziektekiemen vrijkomen. De vlieg moet ondergedompeld worden zodat de antilichamen vrijkomen. De antilichamen neutraliseren dan de ziektekiemen.

    SCROLL_TEXT
  • HET GEVAAR VAN ROKEN

    Roken is ongeveer vijfhonderd jaar geleden door de Spaanse veroveraars in Amerika ‘ontdekt’ en weer mee terug genomen naar hun thuisland. Vanuit Spanje spreidde deze gewoonte zich uit over de rest van Europa. Ongeveer honderd jaar daarna raakte het ook bekend bij de moslims. Terwijl het Westen al langer op de hoogte is van de gevaren van het roken en het probeert terug te dringen, is het roken in onze moslimlanden jammer genoeg uitgegroeid tot een wijdversprijd verschijnsel.

    Vroegere moslimgeleerden die geconfronteerd werden met deze afstotelijke gewoonte, oordeelden dat het roken Makroeh (afkeurenswaardig) is. Hierbij trokken zij de vergelijking met knoflook en uien. Toentertijd was niemand echter op de hoogte van de schadelijke gevolgen van roken, zoals; kanker, hart- en vaatziekten, onvruchtbaarheid en nog vele andere ziekten.

    VERBOD OP ZELFDODING
    Nu echter de schadelijke gevolgen van roken duidelijk zijn, is het verplicht voor iedere moslim om er ver van weg te blijven. Allah zegt wat als volgt vertaald kan worden:

    “En doodt julliezelf niet, Allah is jullie waarlijk meest genadig.” (Soerat an-Nisaa’: 29)

    Allah komt met een strenge waarschuwing voor degenen die zichzelf doden. De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Wie zichzelf doodt met een ijzeren staaf, zal met deze ijzeren staaf zichzelf in het Hellevuur (keer op keer) in zijn buik neersteken en hij zal daarin eeuwig verblijven. En wie gif inneemt en zichzelf hiermee doodt, hij zal in het Hellevuur dit gif (keer op keer) langzaam opdrinken en hij zal daarin eeuwig verblijven. En wie zichzelf van een berg(top) naar beneden gooit en zichzelf hierdoor doodt, hij zal (keer op keer) in het hellevuur neerstorten en hij zal daarin eeuwig verblijven.” (Moeslim)

    Het mag duidelijk zijn dat het roken gelijk staat aan het innemen van gif. Jammer genoeg maken sommige moslims zich echter opzettelijk danwel uit onwetendheid schuldig aan het misleiden van moslims, door het herhalen van de oudere oordelen van de geleerden, dat roken slechts makroeh is en dus niet haraam.

    De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “De voeten van de mens zullen niet op de Dag des Oordeels hun staande positie voor hun Heer verlaten, totdat hij (de mens) over vijf zaken is ondervraagd: Zijn leeftijd en hoe hij deze besteed heeft, zijn jeugd en hoe hij deze heeft doorgebracht, zijn bezit en hoe hij deze heeft vergaard en waaraan hij dit heeft uitgegeven en wat hij heeft gedaan met de kennis die hij bezat. (Sahih at-Tirmidhi)

    HET VERBOD OP HET TOEBRENGEN VAN SCHADE AAN ANDEREN
    Roken is ook schadelijk voor de hersenen en het verstand. Je hoeft maar kort naar een roker te kijken die een tijdje geen sigaret heeft gehad, deze roker gedraagt zich onbeschoft, nerveus, opvliegend en ongeconcentreerd. Het effect op zijn directe omgeving is al even onaangenaam. Zijn familie, vrienden en collega’s moeten de door hem uitgeblazen vieze lucht verdragen, zelfs milde kritiek leidt vaak tot een geweldadige reactie van de roker, die blijkbaar alleen bezig is met zijn rechten als roker. Het is echter al lang een bewezen wetenschappelijk feit dat passief (mee)roken op zijn minst even schadelijk danwel schadelijker is dan zelf roken. Kleine kinderen en mensen die astmatisch of allergisch zijn worden allen gedwongen om mee te roken.

    In een bekende overlevering zegt de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem): “Doe geen kwaad (zonder opzet) en doe geen kwaad (met opzet).” (Ibn Maadjah)

    De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei ook: “Eenieder die gelooft in Allah en de Dag des Oordeels moet zijn buurman geen schade berokkenen.” (al-Boechari)

    In een andere overlevering zegt de Profeet (vrede zij met hem): “Een goede vriend vergeleken met een slechte vriend is als de verkoper van muskus (één van de beste soorten parfum) vergeleken met een ijzersmid. Als het gaat om de verkoper van muskus, of hij zal jou wat muskus geven of je zult het van hem kopen of op zijn minst zul je de lekkere geur ervan hebben ervaren. En wat betreft de ijzersmid, hij zal of jouw kleren verbranden (door bijvoorbeeld hete ijzer wat rondvliegt) of op zijn minst zul je de afschuwelijke stank ervaren.” (al-Boechari)

    GELDVERSPILLING
    Verder is roken niets anders dan geldverspilling aangezien het alleen nadelen meebrengt en geen voordelen. Allah zegt wat als volgt vertaald kan worden:

    En verspeelt (jullie bezit) niet buitensporig. Waarlijk de verspillers zijn de broeders van de shayaatien (duivels). (Soerat al-Israa’: 26-27)

    De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Allah haat voor jullie drie zaken: roddelen, bedelen en geldverspilling.” (al-Boechari)

    Roken houdt in dat je giftige lucht, met een weerzinwekkende geur en een afschuwelijke smaak tot je neemt die schadelijk is voor het lichaam. Allah zegt wat als volgt vertaald kan worden:

    Het verbod op het verspreiden van Fasaad (verdorvenheid)

    “(Zij zijn) degenen die de Boodschapper volgen de ongeletterde Profeet, die zij bij hen, in de Tauwrah en in de Indjiel, beschreven vinden. Hij beveelt hun al-Macroef (het goede) en hij verbiedt hun al-Moenkar (het verwerpelijke), en hij staat hun de goede dingen toe en verbiedt hun de slechte dingen. En hij bevrijdt hun van hun lasten en van de boeien die op hen rustten. Degenen die hem geloven, hem bijstaan en hem helpen en die het Licht (de Koran) volgen dat met hem is nedergezonden; zij zijn degenen die welslagen.” (Soerat al-Araaf: 157)

    Een roker is niet slechts een Faasid (iemand die verdorven is), maar ook een Moefsid (iemand die verdorvenheid verspreidt). Vanwege zijn slechte voorbeeld kan het zo zijn dat zijn familie, vrienden en collega’s overgaan tot het roken. Het heeft immers absoluut geen zin om te zeggen: “Doe zoals ik zeg, niet zoals ik doe!” De zaak is nog erger als de roker de indruk wekt een godsvruchtige man te zijn, dit omdat de mensen hem als voorbeeld zullen nemen. Dit vergroot zijn zonden en de last die hij zal dragen.

    OPRECHT GELOVIGEN ROKEN NIET
    Oprecht godsvrezende mensen vermijden het roken en rokers. Op die manier wordt de roker door de oprechten vermeden. Rokers vinden het vasten tijdens de Ramadan zwaarder dan niet-rokers, omdat zij lijden aan een vorm van drugsverslaving. Zij zullen zelden vrijwillig vasten aangezien het verplicht vasten al een hele opgave voor hen is.

    Het verbod op roken geldt niet alleen voor de roker, maar ook voor de verkoper van sigaretten, de producent, de reclamemaker en voor alle anderen die iets met de produktie, verkoop of consumptie te maken hebben. Allah zegt immers wat als volgt vertaald kan worden:

    “En helpt elkander in (het verrichten van) het goede en Taqwah en helpt elkander niet in (het begaan van) zonde en agressie. En vreest Allah. Waarlijk Allah is streng in de bestraffing.” (Soerat al-Maa’iedah: 2)

    En de Boodschapper van Allah zei: “Waarlijk, als Allah iets verbiedt, dan verbiedt Hij ook het eten (van de opbrengst) ervan.” (Ahmad)

    Dus beste broeder of zuster, als je verslaafd bent aan deze vuile gewoonte, neem dan de oprechte intentie om hiermee te stoppen en zoek hulp bij Allah, de Alhorende, de Alziende. Hij verhoort de smeekbeden van de oprechte gelovigen.

    En wanneer Mijn dienaren jou (O Mohammed) vragen over Mij; Waarlijk Ik ben nabij (met Mijn Kennis). Ik verhoor de smeekbede van de smekende wanneer hij Mij smeekt. (Soerat al-Baqarah: 186)

    SCROLL_TEXT
  • TAHAARAH

    Taalkundig betekent tahaarah: reinheid en zich ontdoen van Ahdaath[1]. Volgens de Fiqh-termen betekent tahaarah het opheffen van een Hadath (gebeurtenis) of het verwijderen van een Nadjas (onreine materie).

    WATEREN
    Al het water dat uit de hemel of de grond komt is Tahoer op basis van de volgende bewijzen:

    “En wij deden uit de hemel rein water nederdalen.” (Soerat al-Foerqaan: 48)

    De Profeet (vrede zij met hem) zei met betrekking tot de zee: “Zijn water is rein en zijn doden zijn halal.” (Sahih Ibn Maadjah)

    Verder zei de Profeet (vrede zij met hem) met betrekking tot de waterput: “Het water is rein en wordt door niets verontreinigd.” (al-Ierwaa’ van al-Albaani)

    Het water blijft rein ook als het wordt gemengd met iets anders (reins), zolang het maar geen van zijn eigenschappen verliest.[2] Dit op basis van wat de Profeet (vrede zij met hem) zei tegen de vrouwen die de Ghoesl al-Djanaazah (wassing van de dode) op zijn dochter verrichtten (gereed maakten voor de begrafenis). Hij zei: “Was haar drie, vijf of meerdere keren als jullie dat goed achten. (Wast haar) met water en sidr (jojoba) en gebruik bij de laatst keer kamperfoelie of een beetje ervan.” (al-Boechari en Moeslim)

    Men kan water niet onrein verklaren, zelfs niet als er iets onreins in is gevallen, tenzij het water daarmee (één van zijn eigenschappen) verandert:

    Aboe Saied overlevert: “Er werd gezegd: ,,O Boodschapper van Allah! Mogen wij al-Woedoe (de kleine wassing) doen met (het water van) de put van Boedaacah? Terwijl het een put is waarin al-Haidh[3], dode honden en viezigheid wordt gegooid?” Hierop antwoordde de Boodschapper (vrede zij met hem): “Het water is rein en wordt door niets verontreinigd.” (al-Ierwaa’ van Sheich al-Albaani)

    [1] Meervoud van hadath. Letterlijke betekenis: gebeurtenis. In fiqh-termen: het winden, toiletteren, zaadlozing of gemeenschap. Winden en toiletteren zijn kleine ahdaath en kunnen opgeheven worden door de woedoe. Gemeenschap, zaadlozing, menstruatie en kraambloed zijn grote ahdaath en kunnen opgeheven worden door de al-ghoesl (grote wassing).[2] De eigenschappen die hier bedoeld worden zijn: geur, smaak en kleur.[3] Al-Haidh betekent letterlijk menstruatie, maar hier wordt er maandverband e.d. mee bedoeld.

    SCROLL_TEXT
  • HET SCHEREN VAN DE BAARD: EEN MODERNE VORM VAN VERWIJVING

    Definitie
    Onder de baard (in het Arabisch: lihyah) verstaan we: al het haar dat groeit op de wangen en de onderkaak. Tevens omvat het de haren onder de onderlip en onder de kin.

    Het Islamitisch oordeel over de baard

    Het laten staan van de baard is Waadjib (verplicht) voor alle mannen. Hiervoor is voldoende bewijs te vinden in de Soennah van de Profeet (vrede en zij met hem) en de Oelamaa’ van de Islam zijn het er unaniem over eens dat het laten staan van de baard verplicht is. Laat je niet misleiden door het achterwege laten van deze soennah door een aantal hedendaagse ‘geleerden’. Laat je ook niet misleiden door hun twijfelachtige fatwa’s, waarmee zij hun eigen (ongeoorloofde) daden ondersteunen en waarmee zij de mensen hen laten volgen in datgene wat verwerpelijk is. De Profeet (vrede zij met hem) zei: “Wie met een goede soennah begint (het initiatief neemt om een goede daad te verrichten), hem komt de beloning van deze (goede soennah) toe en (ook) de beloning van éénieder die deze (goede soennah, hem navolgend) verricht. En wie met een slechte soennah begint (het initiatief neemt om een slechte daad te verrichten), hem komt de zondelast van deze (slechte soennah) toe en (ook) de zondelast van éénieder die deze (slechte soennah, hem navolgend) verricht.” (Moeslim)

    En hij zei: “Voorwaar, Allah zal de kennis, nadat Hij die jullie heeft gegeven niet (in één keer) wegrukken, maar Hij zal haar (kennis) van hen wegnemen door het nemen (van de levens) van de Oelamaa’ en daarmee ook hun kennis. Daarna zullen slechts onwetende mensen overblijven. Zij zullen om fatwa’s (religieuze uitspraken) gevraagd worden, waarna zij fatwa’s zullen geven die gebaseerd zijn op hun eigen meningen, en daarmee dwalen zij af en doen zij anderen afdwalen.” (al-Boechari)

    Een lijst van overtredingen als gevolg van het scheren van de baard

    Het scheren van de baard resulteert in het plegen van tal van overtredingen vanuit het oogpunt van de Islam bekeken. Hieronder zullen wij een aantal van deze overtredingen behandelen.

    1. Ongehoorzaamheid tegenover Allah

    Het scheren van de baard leidt tot ongehoorzaamheid tegenover Allah. De heerser van Jemen, die was aangesteld door de Perzische keizer Chosroes, stuurde twee boodschappers naar de Profeet (vrede zij met hem) om hem mee te nemen (naar Chosroes). Toen de twee boodschappers bij de Profeet (vrede zij met hem) kwamen viel het hem op dat zij hun baard hadden geschoren en hun snorren lang hadden laten groeien. De Profeet had er een afkeer van om naar hen te kijken (vanwege hun verschijning) en hij zei: “O wee jullie! Wie heeft jullie opgedragen om dit te doen?” Zij zeiden: “Onze heer! (zij refereerden daarmee naar Chosroes)” De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei toen:

    “Wat betreft mijn Heer (Allah), verheven en gezegend is Hij, Hij heeft mij bevolen om mijn baard (met rust) te laten en mijn snor bij te knippen.” (Hassan verklaard door al-Albaani)

    2. Ongehoorzaamheid tegenover de Profeet (vrede zij met hem)

    Het scheren van de baard leidt tot ongehoorzaamheid tegenover de Profeet (vrede zij met hem). In vele overleveringen heeft de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) de moslimmannen bevolen om hun baarden met rust te laten. Deze overleveringen dragen allen de volgende boodschap uit:

    “Knipt de snorren bij en laat de baarden (met rust)!” (al-Boechari en Moeslim)

    Elke moslim dient te weten dat het gehoorzamen van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) gelijk staat aan het gehoorzamen van Allah.

    Wie de Boodschapper gehoorzaamt heeft Allah zeker gehoorzaamd. (Soerat an-Nisaa’: 80)

    3. Afwijking van het uiterlijk en de leiding van de Profeet (vrede zij met hem)

    Het scheren van de baard leidt tot het afwijken van het uiterlijk en de Leiding van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem). Het is overgeleverd door Moeslim dat de Profeet (vrede zij met hem) een lange baard droeg. De moslim dient er naar te streven om het voorbeeld van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) te volgen. Allah zegt in de Koran wat als volgt vertaald kan worden:

    “Voorzeker, jullie hebben in de Boodschapper van Allah een goed voorbeeld (dat jullie kunnen volgen).” (Soerat al-Ahzaab: 21)

    En de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Waarlijk, de beste leiding is de Leiding van Mohammed.” (Moeslim)

    4. Afwijking van de weg van de gelovigen

    Het scheren van de baard leidt tot het afwijken van de weg van de gelovigen. Alle Profeten (vrede zij met hen allen), alle Metgezellen van de Profeet (Moge Allah tevreden zijn over hen), de grote Oelamaa’ en de oprechte vroegere moslim(mannen) van deze Oemmah lieten hun baarden staan. Er bestaan geen overleveringen dat ook maar één van hen ooit de baard scheerde. Dit is dus hun weg en Allah, verheven en gezegend is Hij, zegt wat als volgt vertaald kan worden:

    “En wie de Profeet tegenwerkt nadat de Leiding hem duidelijk is geworden en een andere weg volgt dan die van de gelovigen; Wij laten hem aanhangen datgene wat hij heeft aangehangen en Wij zullen hem in de Hel binnenleiden. En dat is pàs een slechte bestemming!” (Soerat an-Nisaa’: 115)

    5. Imitatie van de Moeshrikoen (veelgodenaanbidders)

    Het scheren van de baard leidt tot het imiteren van de Moeshrikoen (veelgodenaanbidders). Dit komt duidelijk naar voren uit vele overleveringen van de Profeet (vrede zij met hem). De Profeet (vrede zij met hem) zei:

    “Knipt de snorren bij en laat de baarden groeien. Onderscheidt julliezelf van de Magiërs. (volgelingen van een godsdienst die vroeger in Perzië werd beleden)” (Moeslim)

    “Onderscheidt julliezelf van de Moeshrikoen (veelgodenaanbidders), knipt jullie snorren bij en laat jullie baarden staan.” (al-Boechari en Moeslim)

    Allah heeft ons bevolen om ons te onderscheiden van de Moeshrikoen (veelgodenaanbidders). Allah zegt wat als volgt vertaald kan worden:

    “Volg niet de begeerten van degenen die niet weten. (over de Islam)” (Soerat al-Djaathiyah: 18)

    De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Wie een volk immiteert, hij behoort tot hen.” (Aboe Daawoed)

    6. Wijziging van de Schepping van Allah zonder toestemming

    Met betrekking tot de vrouwen die de Schepping wijzigen, verklaarde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem): “Allah vervloekt de Naamisah (degene die de wenkbrauwen van anderen epileert) en de Moetanammisah (degene die haar wenkbrauwen laat epileren) en de Waasilah (degene die bij anderen nep- of andermanshaar invlecht) en de Moestawsilah (degene die haar haar laat invlechten met nep- of andermanshaar ).”

    Deze overlevering gaat specifiek over vrouwen, omdat zij normaal gesproken meer dan mannen zichzelf inspannen om hun natuurlijk uiterlijk te veranderen met het excuus zich zodoende op te maken. Deze waarschuwing geldt voor beide geslachten, omdat de voorwaarde voor het intreden van de vloek van Allah duidelijk is. Het scheren van de baard valt onder deze overlevering, omdat dit veel erger is dan het verwijderen van de wenkbrauwen (Nams) door vrouwen. Het betreft hier immers het gehoorzamen van de shaitan, hij zei:

    “En ik zal hen bevelen de Schepping van Allah te veranderen.” (Soerat an-Nisaa’: 119)

    7. Imitatie van vrouwen

    De baard maakt een duidelijk onderscheid tussen mannen en vrouwen. Het scheren van de baard doet dit onderscheid verdwijnen en het behoort dan ook tot het imiteren van vrouwen. De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Moge Allah de mannen vervloeken die vrouwen imiteren en moge Allah de vrouwen vervloeken die mannen imiteren.” (al-Boechari)

    8. Strijdigheid met de Fitrah (natuurlijke aanleg van de mens)

    Aa’ieshah (moge Allah tevreden zijn over haar) overlevert dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: Tien (zaken) behoren tot de Fitrah; het bijknippen van de snor, het (met rust) laten van de baard…” (Moeslim)

    De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) leert ons ook dat ieder kind met fitrah geboren wordt en dat deze fitrah later wordt gewijzigd door (de opvoeding van) de ouders.
    (al-Boechari en Moeslim)

    De fitrah van vele moslims tegenwoordig is zo misvormd dat zij een gladgeschoren man aantrekkelijker en mannelijker vinden dan een man met baard. Dit is nu juist precies tegenstrijdig met datgene wat de Profeet (vrede zij met hem) in de bovenstaande overleveringen zegt. De oorspronkelijke fitrah, bij de geboorte van het kind, zal echter met het veranderen van de tijd nooit wijzigen. Allah zegt wat als volgt vertaald kan worden:

    “De fitrah (natuurlijke aanleg) van Allah, waarmee Hij de mensen (oorspronkelijk) geschapen heeft. Er is geen verandering in de Schepping van Allah.” (Soerat ar-Roem: 30)

    Sommige mannen komen met als excuus voor het feit dat zij hun baard scheren, dat hun vrouwen er hen liever zonder zien. Net alsof zij op deze wereld zijn gezet om de vervormde begeerten en neigingen van hun vrouwen te volgen in plaats van de Verheven Bevelen van Allah en Zijn Boodschapper (vrede zij met hem). Weer anderen beweren dat het laten staan van hun baard leidt tot huidirritaties en jeuk. Dit kan echter nooit het gevolg zijn van het gehoorzamen van de pure fitrah, maar zal eerder het gevolg zijn van het onregelmatig reinigen en niet schoonhouden van de baard, zoals de Profeet (vrede zij met hem) dit de gelovigen opdroeg.

    Wat de Oelamaa’ en de Imaams zeggen

    Alle Oelamaa’ van de Salaf-us-Saalih (de oprechte voorgangers), waaronder ook de vier Imaams (Aboe Haniefah, Maaliek, Shaaficie en Ahmad (moge Allah hen genade schenken), zijn het er allen over eens dat het scheren van de baard haraam (verboden) is en dat het een verboden vorm van mutilatie (verminking) is, zoals dit ook is overgeleverd door Omar ibn Abdel-Aziz. Zij beschouwden degene die zijn baard scheerde als een verwijfde man en velen van hen (de oprechte voorgangers) accepteerden hen niet als getuige en stonden hen ook niet toe om voor te gaan in het gebed.

    Moge Allah ons leiden op het rechte Pad en ons standvastig maken in het volgen van de Soennah van de Profeet (vrede zij met hem).

    SCROLL_TEXT
  • SERVIES

    Alle soorten servies zijn toegestaan, behalve;

    1. Servies van goud of zilver.

    2. Servies waarin goud of zilver is verwerkt.

    – Indien slechts een kleine hoeveelheid zilver in het servies is verwerkt, dan kan dit geen kwaad in geval van noodzaak. Hudhayfah overlevert dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Drink niet uit gouden en zilveren servies en draag geen zijde en brokaat! Dit (alles) is voor hen (de ongelovigen) in dit leven en voor jullie in het Hiernamaals.”
    (al-Boechari en Moeslim)

    SCROLL_TEXT
  • ETIQUETTE INZAKE HET TOILETTEREN

    – Het is aangeraden om met het linkerbeen het toilet te betreden.

    – Men zegt bij het binnentreden van het toilet:
    “Bismillah Allahoemma innie aoedhoebika mina alghoebthie wal ghabaa’ieth.”

    – Dit op basis van de overlevering van Anas waarin hij zegt: “Als de Profeet (vrede zij met hem) het toilet betrad, dan zei hij: ,,Bismillah Allahoemma innie acoedhoebika min alghoebthie wal ghabaa’ieth.” (al-Boechari en Moeslim)

    – Het is aangeraden om met het rechterbeen het toilet te verlaten en het volgende te zeggen: “Ghoefraanak”

    – Dit op basis van de overlevering van Aa’ieshah die zei: “Als de Profeet (vrede zij met hem) het toilet verliet, zei hij: ,,Ghoefraanak.” ( Ibn Maadjah)

    – Men dient zich tijdens het toiletteren af te schermen van anderen d.m.v. bijvoorbeeld een muur.

    – Als men zich in de buitenlucht bevindt, dient men bij het toiletteren afstand te nemen van de anderen.

    – Het is niet toegestaan om op de volgende plaatsen te toiletteren:

    1. Verzamelplaatsen van mensen

    2. Onder vruchtdragende bomen

    3. Waar het anderen hindert

    4. Langs de wegen

    – Het is niet toegestaan om tijdens het toiletteren je met je gezicht of rug richting al-qiblah te wenden. Dit op basis van de overlevering van Aboe Ayoub al-Ansaari. Hij overlevert dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Wanneer jullie je behoefte willen doen, wend je niet tot al-qiblah en keer haar (al-qiblah) ook niet de rug toe, maar zoek de richting van het westen of het oosten op.” (Moeslim)

    – Als men zijn behoefte heeft gedaan, dient men:

    1. Zich te reinigen met minimaal drie stenen of iets dergelijks, zoals toiletpapier.

    2. Vervolgens reinigt men zich met water.

    – Het is ook toegestaan om je te beperken tot één van de bovengenoemde reinigingsmethoden.

    – Het is niet toegestaan om jezelf te reinigen met:

    1. Uitwerpselen van dieren en botten, omdat de Profeet (vrede zij met hem) dit verbood.

    2. Alle zaken die onschendbaarheid genieten, zoals voedsel.

    SCROLL_TEXT
  • HET VEGEN OVER DE SOKKEN

    – Als een ingezetene sokken of iets soortgelijks draagt, dan mag hij voor de duur van één dag en één nacht erover vegen. De reiziger mag voor de duur van drie dagen en drie nachten over de sokken vegen.

    – Als voorwaarde geldt:

    1. Dat de sokken worden aangetrokken na het verrichten van de woedoe.

    2. Het vegen is alleen toegestaan in geval van een kleine hadath.[1]

    – Anas overlevert: “Als één van jullie de woedoe verricht en vervolgens zijn sokken aantrekt, dan kan hij in het vervolg er overheen vegen en het gebed ermee verrichten. En hij hoeft ze niet uit te trekken als hij dit niet wil, alleen als hij in een staat van djanaabah geraakt.” (Al-Haakim)

    Het vegen over de sokken gebeurt door over de bovenkant hiervan te vegen. Dit Op basis van de uitspraak van Ali ibn Aboe Talib: “Indien de godsdient was gebaseerd op meningen, dan zou de onderkant van de sok eerder schoongeveegd moeten worden in plaats van de bovenkant. Waarlijk ik zag de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) over de bovenkant van zijn sokken vegen.” (al-Ierwaa’ van Sheikh al-Albaani)

    [1] De letterlijke betekenis van hadath is gebeurtenis. In fiqh-termen wordt er het volgende mee bedoeld: winden, toiletteren, zaadlozing of gemeenschap. Winden en toiletteren zijn van de kleine hadath en kunnen opgeheven worden door de woedoe. Gemeenschap, zaadlozing, menstruatie en kraambloed zijn van de grote hadath en kunnen opgeheven worden door de ghoesl (grote wassing).

    SCROLL_TEXT
  • DE WIJZE VAN HET VERRICHTEN VAN DE WOEDOE

    – Voordat men begint met de woedoe, dient de intentie genomen te worden.

    – De intentie is verplicht voor alle daden van aanbidding. Dit op basis van de uitspraak van de Profeet (vrede zij met hem) “Voorwaar! De daden worden beoordeeld op de intentie en ieder mens zal alleen dat krijgen wat met zijn intentie samenhangt.”
    (al-Boechari en Moeslim)

    – Daarna zegt men: بِسْمِ اللّهِ ‘Bismillah’ (in de naam van Allah).

    – En wast men de handen driemaal.

    – Daarna spoelt men de mond en reinigt men de neus driemaal uit één hand.

    – Daarna wast men driemaal het gezicht.

    – Vervolgens wast men driemaal de armen tot en met de ellebogen.

    – Waarna men over het hoofd veegt, beginnende bij het begin van de haargrens en eindigend bij het begin van de nek.

    – Hierna veegt men in tegenovergestelde richting terug naar het begin van de haargrens.

    – Daarna veegt men het binnenste van de oren met de wijsvingers en het buitenste van de oren met de duimen.

    – Tenslotte wast men driemaal de voeten tot en met de enkels.

    – Dit is de correcte manier om de woedoe volgens de wijze van de Profeet (vrede zij met hem) te verrichten.

    – De verplichte handelingen van de woedoe zijn:

    1. Alle lichaamsdelen dienen minimaal éénmaal gewassen te worden.

    2. Het binnen afzienbare tijd afmaken van de woedoe zonder al te grote onderbrekingen.

    SCROLL_TEXT